Een warmtepomp haalt warmte uit lucht of water en levert de warmte aan bijvoorbeeld de centrale verwarming van de woning. Waar de warmte uit onttrokken wordt, wordt ‘secundaire warmtebron’ genoemd. De warmtepomp onttrekt warmte aan lucht of water met een temperatuur van 5°C of hoger en ‘levert’ de warmte op een temperatuur van 30 tot maximaal 55°C. Hij pompt als het ware warmte van een laag temperatuurniveau naar een hoog temperatuurniveau.

Het type warmtepomp hangt af van de situatie:

  • Nieuwbouw: een combiwarmtepomp die de woning verwarmt en warm tapwater opwekt. Het warme tapwater wordt in een buffer opgeslagen. Omdat de warmtepomp de woning in z’n eentje kan verwarmen wordt dit wel ‘monovalent’ genoemd.
  • Bestaande bouw:
    • Een warmtepomp wordt in aanvulling op de ketel geplaatst (bivalent) bijvoorbeeld als de woning niet geïsoleerd kan worden en het gasverbruik erg hoog is. Bij vorst neemt de ketel het over. In Nederland duren vorstperiodes vaak kort zodat de ketel maar beperkt in bedrijf is en de warmtepomp een groot deel van de warmte levert.
    • Een hybride warmtepomp waarbij een ketel en warmtepomp in één apparaat zijn gecombineerd. Deze kan worden geplaatst als de ketel aan vervanging toe is. Hij doet hetzelfde als het bivalente systeem.

De warmte komt uit een ‘secundaire warmtebron’. Hiervoor zijn verschillende mogelijkheden. Bij nieuwbouw zijn dit:

  • Restwarmte van industrie of een rioolwaterzuivering.
  • Grondwater: vanwege de kosten wordt dit alleen gebruikt bij grotere installaties, bijvoorbeeld nieuwbouwlocaties. Een voordeel is dat het behalve voor verwarming ook voor koeling kan worden gebruikt. Hiervoor is vergunning van de provincie nodig.
  • Bodem: dit kan door middel van een verticale of horizontale bodemwarmtewisselaar (de horizontale wordt ook wel bodemcollector genoemd). Dit kan voor een enkele woning. Deze is ook geschikt voor verwarming en koeling. Bij deze toepassing is gemeente bevoegd gezag voor de eventuele vergunning.
  • Buitenlucht: met een eenvoudige (goedkope) warmtewisselaar kan warmte aan de lucht worden onttrokken. Dit werkt bij hele lage temperaturen niet meer. Daarom wordt deze bron alleen bij bivalente systemen gebruikt. Als de warmtewisselaar duidelijk in het zicht komt, kan een omgevingsvergunning nodig zijn.

Een combiwarmtepomp kost tussen de € 15.000,- en € 20.000,- (inclusief bodemwarmtewisselaar) en bespaart orde grootte 20% op verwarmingskosten. Een bivalente warmtepomp kost € 3.500,- tot € 4.000,- en bespaart ca. 12 tot 16% op verwarming. Hierbij is rekening gehouden met het feit dat de ketel bij vorst alleen in bedrijf is. Als u een hoog verbruik heeft, bijvoorbeeld meer dan 4.000 m3 gas per jaar, dan is de besparing ongeveer € 400,- per jaar en ligt de terugverdientijd in de orde van 10 jaar. De hybride warmtepomp kost € 5.000,- tot € 7.000,- en bespaart ongeveer evenveel als de bivalente warmtepomp.

De voordelen van een warmtepomp zijn:

  • lagere energierekening
  • beter voor het milieu.

Een aandachtspunt is dat de warmtepomp elektriciteit gebruikt. Elektriciteit is per warmte-inhoud relatief duur. De lagere energierekening wordt dan ook alleen gebruikt als het energieverbruik hoog is een de situatie zich goed leent voor een warmtepomp. Verder moet worden opgelet dat warm tapwater geheel door de warmtepomp wordt verwarmd. De combiwarmtepomp is ook uitgerust met een elektrische verwarming. Als de warmtepomp de vraag van warm tapwater niet aankan, zal de elektrische verwarming aanslaan. Dit leidt tot een hogere energierekening.

De combiwarmtepomp is een complexe installatie. De installateur moet verstand hebben van bodemwarmtewisselaars, warmtepompen en lage temperatuurverwarming. De bivalente warmtepomp is een stuk eenvoudiger.